Close Menu

N11.01 Droog schraalland

Herstel van hellingschraalland op de Verlengde Winkelberg
Ontgronden heeft hier geleid tot een significante en langdurige verlaging van de voor planten beschikbare concentratie fosfaat en stikstof. De soortenrijkdom en dichtheid aan planten, insecten en bodemmesofauna is toegenomen in alle proefvlakken waar maatregelen zijn uitgevoerd. Voor vaatplanten leidde het opbrengen van maaisel uit een goed ontwikkeld reservaat na ontgronden tot de vestiging van een groot aantal karakteristieke schraalgraslandsoorten, waaronder meer dan twintig Rode Lijst-soorten. Voor vlinders, wantsen en bijen bleek maaisel opbrengen eveneens een meerwaarde te hebben. Voor een aantal andere insectengroepen werden de hoogste dichtheden aan typische schraalgraslandsoorten juist gemeten in het ontgronde proefvlak zonder maaisel. Of op voormalige landbouwgrond daadwerkelijk ontwikkeling tot de prioritaire habitattypen kalkgrasland (H6210) of heischraal grasland (H6230) mogelijk is, hangt sterk af van de lokale bodemcondities en is met dit onderzoek niet onomstotelijk vastgesteld. Rapport Uitbreiding en herstel van Zuid-Limburgse hellingschraallanden 

Aanleg kalkgrasland in mergelgroeve Zuid-Limburg
In dit OBN-project is onderzocht welke maatregelen kunnen leiden tot de instandhouding of uitbreiding van de aanwezige natuurwaarden in Limburgse mergelgroeves en kalkrotsen, waaronder de Natura2000-soorten en -habitats. Op basis van bestaande verspreidingsgegevens, literatuur en de kennis en ervaring van beheerders en soortexperts is een analyse gemaakt van de geologie, hydrologie en ecologie van dagbouwmergelgroeves en rotsen. De resultaten hiervan zijn vertaald naar adviezen voor beheer en inrichting van mergelgroeves. Infoblad Veldwerkplaats Beheer en inrichting van mergelsgroeves en kalkrotsen.  

Andere voorbeeldgebieden: Eexterveld, Havelterberg, Veluwe, Vreugderijker waard, Cortenoever, Junner en Arjener Koeland, Kunderberg, Gerendal, Gulpdal, St. Pietersberg, ENCI-groeve en Bemelerberg-Winkelberg.