Pad: Natuurtypen / Cultuurhistorische bossen (N17) / Park- en stinzenbos (N17.03) / Park- of stinzenbos / Bedreigingen

Park- of stinzenbos 

Inhoud van deze pagina:

BEDREIGINGEN
Traditioneel beheer veelal gestaakt
Weg is weg
Verval van monumentale bomen
Nivellering van soortensamenstelling en teelt van rariteiten

Traditioneel beheer veelal gestaakt
De grootste bedreiging van de park- en stinzenbossen is dat het traditionele, zeer arbeidsintensieve beheer niet meer wordt uitgevoerd. Dit gevaar is voor de bosgedeelten veel groter dan voor de parkgedeelten met een grazige ondergroei, waar meestal een standaard graslandbeheer volstaat. Er zijn drie voor de hand liggende redenen aan te wijzen waarom het traditionele beheer niet meer wordt uitgevoerd. Deze hebben te maken met geld, kennis en organisatie.

Weg is weg
Het kenmerk van stinzenplanten – enkele uitzonderingen daargelaten – is dat zij in de directe omgeving van hun groeiplaats ontbreken. Dit betekent dat wanneer een soort lokaal uitsterft, de kans op spontane hervestiging doorgaans nihil is. Herintroductie is dan de enige oplossing. Maar het verlies wordt hiermee toch niet helemaal goed gemaakt, noch qua natuurwaarde noch qua cultuurhistorie. En bij herhaaldelijke herintroductie verschuift het voor stinzenbossen kenmerkende subtiele evenwicht tussen natuurbeheer en tuinieren al gauw te ver in de richting van het tuinieren. Het bijzondere van de stinzenbossen was immers juist dat deze soorten na hun introductie als ‘normale’ bosplanten zijn gaan gedragen, zij het in veel gevallen geholpen door een specifiek beheer (zie ook hieronder: Nivellering van soortensamenstelling en teelt van rariteiten).

Verval van monumentale bomen
Een van de kenmerken van stinzenmilieus is de grote variatie aan boomsoorten, zowel inheems als exotisch. Dit zorgt niet alleen voor landschappelijke variatie, maar ook – door verschillen in lichtinval en strooiselkwaliteit – voor gevarieerde standplaatscondities op de bosbodem. Een ander voordeel is dat de aftakeling van oude monumentale bomen in de tijd gespreid is. Echter, op plekken met meerdere even oude exemplaren van één soort, bijvoorbeeld lanen, geldt dit voordeel niet. Vooral bij beuken die relatief kort leven en bij abrupte lichtstelling kwetsbaar zijn voor directe zonnestraling op de stam, doet zich vaak een dramatisch domino-effect voor.

Nivellering van soortensamenstelling en teelt van rariteiten
We zagen al dat het beheer van stinzenmilieus een subtiel evenwicht vereist tussen natuurbeheer en tuinieren. Twee recente ontwikkelingen dreigen dit evenwicht (verder) te verstoren. In de eerste plaats lijkt de recente aandacht voor stinzenmilieus, mede door het prachtige boek ‘Stinzenplanten’ (1985), ook een negatieve bijwerking te hebben gehad. Voorheen had elk park- en landgoedbos zijn eigen specifieke en historisch bepaalde combinatie van stinzensoorten. Doordat de in bovengenoemd boek en andere publicaties behandelde soorten her en der als verlanglijstje voor het eigen landgoed zijn gebruikt, zijn recent veel soorten nieuw geplant. Het gevolg is een nivellering in soortensamenstelling tussen de terreinen en een verlies van de cultuurhistorische waarde. De meest onschuldige manier om het eigen assortiment aan stinzensoorten aan te vullen is het betrekken van plantgoed van naburige terreinbeheerders. Maar er zijn ook gevallen bekend waarbij plantgoed (van onbekende herkomst) werd betrokken van tuincentra of kwekerijen of zelfs van vakantie uit het buitenland werd meegenomen. In beide gevallen loopt men nodeloos het risico van genetische erosie.
Een andere recente ontwikkeling is het op ongewenste schaal introduceren van soorten – eveneens afkomstig van tuincentra of kwekerijen – die in het verleden voor zover bekend nooit in stinzenmilieus gebruikt zijn. Voorbeelden zijn de leliesoorten Ipheion uniflorum (uit Peru) en Sternbergia lutea (uit Noord-Afrika). Op beperkte schaal kan dit weinig kwaad, zeker in de open, parkachtige delen van het gebied. Bij grootschalige introductie van nieuwe soorten dreigt echter een deel van het historisch bepaalde karakter van het terrein verloren te gaan.

| Bedreigingen | Regulier beheer | Herstelbeheer | Inrichting |

 

Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein Zoeken in de
infobladen

(U gaat naar de
website van
Groen Kennisnet)
Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein
Homepage
Home | Colofon | Print pagina
Zoek binnen deze website