Pad: Natuurtypen / Rijke graslanden en akkers (N12) / Kruiden- en faunarijk grasland (N12.02) / Bloemrijk grasland / Herstelbeheer

Bloemrijk grasland

Inhoud van deze pagina

HERSTELBEHEER
Begrazen, afgraven of uitmijnen?
Bekalken om verzuring te bestrijden
Veraarde veenbodems bieden beperkte mogelijkheden
Met bijdragen van
Literatuur


Hier is beschreven hoe soortenarme graslanden op voormalige landbouwgronden kunnen worden omgevormd naar bloemrijke graslanden. Zie het boekje van Bax en Schipper voor een meer gedetailleerde beschrijving van de verschralingsstadia: successiestadia in het verschralingsproces die zich op allerlei bodemtypen voordoen.

Begrazen, afgraven of uitmijnen?
Alleen toepasbaar in bijzondere, nader te bepalen gevallen, waarbij vooraf toestemming van het betrokken deskundigenteam is verkregen.
In landbouwgronden waar de bemesting gestaakt wordt, vindt meestal op de korte termijn een snelle daling van het gehalte aan voor planten beschikbare stikstof plaats. De plantensoorten die zowel veel stikstof als fosfaat nodig hebben, gaan dan achteruit en worden vervangen door soorten die met minder stikstof toe kunnen, maar wel ‘gesteld zijn op' veel fosfaat. Zulke soorten zijn bijv. Gestreepte witbol (Holcus lanatus), Pitrus (Juncus effusus), Jacobskruiskruid (Senecio jacobea) en Fioringras (Agrostis stolonifera). Vervolgens wordt de biomassaproductie van het grasland vooral beperkt door het gehalte aan het voor planten beschikbare fosfaat. Fosfaat is weinig mobiel in de bodem en fosfor is in hoofdzaak in de bovenste bodemlaag opgeslagen, in gebonden vorm. In niet omgewerkte bodem is dat op veen en klei veelal de bovenste 20 tot 30 cm en op zand de bovenste 30-50 (-100) cm.

Graslanden waarin Gestreepte witbol, of andere van de bovengenoemde soorten overheersen gaan pas dan veranderen in bloemrijke graslanden als de het fosfaatgehalte ‘voldoende ver' is verminderd. Het gehalte moet zover zijn gedaald, dat soorten van matig voedselrijke omstandigheden kansen krijgen. Fosfaatbindende processen, bijv in samenhang met ijzerrijke kwel of een zeer kalkrijke bodem, kunnen het verschralingsproces versnellen. Op de meeste standplaatsen is bij een beheer van maaien en afvoeren de fosfaatvoorraad echter pas na vele tientallen tot misschien wel honderden jaren voldoende uitgeput. Wordt begrazing toegepast, dan duurt dit proces nog langer, vooral als de begrazing extensief is.

Omdat het bij maai- en begrazingsbeheer dus heel lang duurt voordat de bloemen op de voormalige landbouwgronden naar voren gaan treden, wordt er in het natuurbeheer vaak voor gekozen om de fosfaatverzadigde bovenste bodemlaag in zijn geheel af te voeren. De ingreep wordt ook wel omschreven als ‘diep afplaggen'.

Op sommige plekken wordt geëxperimenteerd met ‘uitmijnen': de biomassaproductie wordt enige tijd hoog gehouden door het toedienen van kalium en stikstof of zo nodig van andere stoffen, maar géén fosfaat. Ondertussen wordt een beheer van maaien en afvoeren toegepast. Bij deze aanpak wordt met het maaisel meer fosfaat afgevoerd dan zonder de toevoeging van die stoffen het geval zou zijn. Zodra de fosfaatgehalten laag genoeg zijn, kan worden gestopt met de bemesting. Het uitmijnen biedt alleen perspectief op niet te fosfaatrijke bodems.

Bekalken om verzuring te bestrijden
Alleen toepasbaar in bijzondere, nader te bepalen gevallen, waarbij vooraf toestemming van het betrokken deskundigenteam is verkregen. Landbouwgronden op van oorsprong kalkarme of zure bodem zullen geleidelijk verzuren tenzij een ‘onderhoudsbekalking'wordt toegepast. Ook voormalige landbouwgrond op ontwaterde veengronden verzuurt vaak. Graslanden met een combinatie van voedselrijke en zure standplaatscondities zijn meestal soortenarm; zulke graslanden komen van nature weinig voor. Op droge zandgrond gaan bij beginnende verzuring Gewoon struisgras (Agrostis capillaris), Gewoon reukgras (Anthoxanthum odoratum) en Rood zwenkgras (Festuca rubra) overheersen. Gewoon biggenkruid (Hypochaeris radicata) is vaak de enige veel voorkomende bloem in dergelijke graslanden. Ook met onderhoudsbekalking ontwikkelen zich relatief soortenarme varianten van het bloemrijk grasland, omdat hiermee het vrijkomen van voedingsstoffen uit afbrekend veen gestimuleerd wordt en verzuring hiermee weliswaar voorkomen wordt maar er geen kalkhoudende bodem ontstaat. De meeste plantensoorten van bloemrijk grasland hebben nu eenmaal een voorkeur hebben voor duidelijk kalkhoudende bodem.

Veraarde veenbodems bieden beperkte mogelijkheden
Op veenbodems die sterk zijn veraard, staan de gewijzigde bodemeigenschappen een ontwikkeling in de richting van meer bloemrijk grasland in de weg. De capillaire werking van het intacte veen is grotendeels verdwenen, waardoor de bodem veel makkelijker uitdroogt en plassen langer op maaiveld blijven staan. Wanneer de ontwatering gehandhaafd blijft, is bovendien de kans op verzuring groot. Niet verzuringsgevoelige graslanden op veraard veen kunnen zich bij voldoende verschraling ontwikkelen tot een bloemrijk grasland dat echter vrij soortenarm blijft. Wanneer de graslanden op veraard veen vernat worden, blijven er lang plassen op het veld staan en vindt meestal geen ontwikkeling plaats in de richting van het Dotterbloemgrasland, maar veeleer in de richting van Zilverschoongrasland. Echter, ook dit is vaak soortenarmer dan de Zilverschoongraslanden op andere bodems, zoals die bijvoorbeeld in het rivierengebied voorkomen.
Op veengronden is de vorming van meer soortenrijke graslanden afhankelijk van een herstel van de invloed van ijzerrijk en gebufferd grondwater. Dan krijgt het Dotterbloemgrasland kansen. Wanneer de invloed van het grondwater weliswaar hersteld is, maar dat grondwater niet gebufferd is, ontstaan eerder zure kleine zeggenvegetaties.

Met bijdragen van:
Emiel Brouwer, oktober 2007.

Literatuur:
Bax, I & Schippers, W., 1997. Ontwikkeling van botanisch waardevol grasland. Veldgids. Uitgegeven door Dienst Landelijk Gebied en Informatie- en Kenniscentrum.

Peters, B., E. Kater & G. Geerling. 2006. Cyclisch beheer in uiterwaarden. Natuur en veiligheid in de praktijk.

| Bedreigingen | Regulier beheer | Herstelbeheer | Inrichting |

 

Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein Zoeken in de
infobladen

(U gaat naar de
website van
Groen Kennisnet)
Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein
Homepage
Home | Colofon | Print pagina
Zoek binnen deze website