Pad: Natuurtypen / Droge schraalgraslanden (N11) / Droog schraalland (N11.01) / Heischraal grasland / Herstelbeheer

Heischraal grasland

Inhoud van deze pagina:

HERSTELBEHEER
Mogelijkheden variëren per situatie
Droge heischrale graslanden kleinschalig plaggen en in verzuurde situaties erna bekalken
Natte heischrale graslanden kleinschalig plaggen & bufferen
Inzijggebied bekalken
Verzuurde situaties na het plaggen bekalken
Herintroductie toepassen?
Met bijdragen van

Mogelijkheden variëren per situatie
De mogelijkheden voor de toepassing van herstelbeheer van aangetaste heischrale graslanden zijn afhankelijk van de abiotische uitgangssituatie (nat of droog), de oorzaak van de achteruitgang (verzuring, vermesting en/of verdroging) en de nog aanwezige dier- en plantensoorten. De volgende maatregelen of combinaties van maatregelen worden er toegepast:

De maatregelen tegen verzuring en verdroging worden bijna altijd uitgevoerd in combinatie met plaggen.

Droge heischrale graslanden kleinschalig plaggen en in verzuurde situaties erna bekalken
In vergelijkbare biotopen toe te passen volgens de beschreven randvoorwaarden en werkwijze.
In door vermesting vergraste droge heischrale graslanden blijkt kleinschalig plaggen een effectieve herstelmaatregel. Gaat het om verzuurde uitgangssituaties is de maatregel effectief indien na het plaggen bekalking wordt toegepast (zie onder). Een duurzaam herstel van bodemchemie en van althans een deel van de vegetatie is haalbaar. Belangrijk is altijd bij het plaggen restpopulaties van doelsoorten te sparen. Hervestiging van veel zeldzame plantensoorten uit heischraal milieu is problematisch in terreinen waar al enkele jaren geen restpopulaties meer aanwezig waren.
Het is ook essentieel om enige jaren na het herstelbeheer weer instandhoudingsbeheer te gaan uitvoeren. Het uitblijven van maaien of begrazen kan ertoe leiden dat het positieve effect van herstel alsnog teniet wordt gedaan. Dit geldt met name in de droge heischrale graslanden. Vijf tot tien jaar na plaggen gaat Struikheide zo hard groeien dat zij de karakteristieke kruidachtige soorten van zwak gebufferd milieu kan wegconcurreren.

Natte heischrale graslanden kleinschalig plaggen & bufferen
In vergelijkbare biotopen toe te passen volgens de beschreven randvoorwaarden en werkwijze.In gedegradeerde natte heischrale graslanden geeft plaggen in combinatie met het nemen van hydrologische maatregelen die de buffercapaciteit herstellen goede resultaten. Het blijkt mogelijk zo de bodemkwaliteit te herstellen en een soortenrijke vegetatie terug te krijgen. Vaak treedt vestiging of hervestiging van veel, maar niet alle, bedreigde heischrale soorten op. Het succes van deze maatregel wordt sterk bepaald door de mogelijkheden om de toestroom en het vasthouden van zwak tot matig gebufferd, lokaal kwelwater te vergroten. Uiteraard mag dit grondwater niet verrijkt zijn met fosfaat of sulfaat! Door verbetering van de hydrologische situatie kan weer een kenmerkende natte situatie ontstaan, en door de toegevoerde basen met het grondwater wordt ook de verzuring te niet gedaan.

In heischrale graslanden die in voormalige leemputten e.d. liggen is het mogelijk door het opbrengen van leem een herstel van de buffercapaciteit te bereiken, althans tijdelijk, voor ca. 5/6 jaar. Deze maatregel werkt echter alleen goed als de hydrologie ook in orde is. Gebruik hierbij bij voorkeur leem uit de omgeving, aangezien de leem zaden van kenmerkende plantensoorten kan bevatten.

Problemen ondervindt het herstelbeheer hier als de waterhuishouding van het natte heischrale grasland niet te beïnvloeden is vanwege regionale omstandigheden of buiten het reservaat gelegen verdrogingsoorzaken. Gelukkig is dit lang niet altijd het geval, maar soms is het dan niet mogelijk om de juiste hydrologie en lokale kwelinvloed te verkrijgen!

Inzijggebied bekalken INDICATIE=WACHT/ORANJE?
Alleen toepasbaar in bijzondere, nader te bepalen gevallen, waarbij vooraf toestemming van het betrokken deskundigenteam is verkregen.Een ander knelpunt is aan de orde bij het herstelbeheer in deze terreinen wanneer het lokale kwelwater zelf verzuurd is. Het bekalken van het zeer lokale inzijggebied, de zogenoemde ‘catchment liming', is dan een manier om het probleem van de buffering van verzuurde natte heischrale vegetatie op te lossen. Bij deze maatregel worden, liefst geplagde, hooggelegen delen van de omliggende heide bekalkt. Onder invloed van regenwater en de zure bodem lost de kalk geleidelijk op en komen calcium- en bicarbonaat-ionen in het grondwater terecht. De opgeloste ionen kunnen vervolgens door uitwisselingsprocessen de buffercapaciteit en pH verhogen. Deze effecten vinden niet alleen plaats op de plek waar de kalk is uitgestrooid, maar via het grondwater en afstromend (regen)water ook in de lager gelegen terreindelen met bijvoorbeeld nat heischraal grasland, zoals uit OBN-onderzoek in de Schaopedobbe en de Bieze is gebleken.

Verzuurde situaties na het plaggen bekalken
In vergelijkbare biotopen toe te passen volgens de beschreven randvoorwaarden en werkwijze.Bekalken bestrijdt de verzuring effectief: de basenverzadiging en pH stijgen en de concentraties van giftige stoffen zoals aluminium en ammonium dalen. Het positieve effect van het bekalken blijkt duurzaam; in sommige heischrale graslanden is het nu 10 - 15 jaar werkzaam. Het is aan te bevelen verzuurde heischrale graslanden te bekalken met 2000 kg/ha (dolokal), bij voorkeur snel na plaggen.
Hoewel het plaggen heeft geleid tot de terugkeer van bedreigde soorten van heischrale graslanden, is dit zeker niet overal het geval geweest. Extreme ophoping van ammonium in de bodem na het plaggen bleek hiervan soms de oorzaak. Deze ammoniumophoping treedt direct na het plaggen op (zie Figuur 5), duurt veelal anderhalf tot twee jaar en is vastgesteld in zowel droge als in natte heischrale graslanden, vooral onder zure omstandigheden (pH < 4,8). Met name planten die kenmerkend zijn voor zwak gebufferde omstandigheden in heischrale milieus zijn erg gevoelig voor ammoniumvergiftiging. Gedurende de periode met hoge ammoniumconcentraties is de bodemchemie weinig geschikt voor kieming en zeker niet voor definitieve vestiging van deze soorten, terwijl de meer algemene soorten zoals Bochtige smele (Deschampsia flexuosa), Pijpenstrootje (Molinia caerulea), Struikheide (Calluna vulgaris) en Gewone dopheide (Erica tetralix) uitstekend bestand zijn tegen deze condities. Het gevolg is een soortenarme vegetatie waarin vrijwel alle doelsoorten ontbreken. Het is daarom raadzaam om in verzuurde situaties het kleinschalige plaggen te combineren met extra beheersmaatregelen die met name rond restpopulaties de extreme ophoping van ammonium kunnen voorkomen. Plaatsen waar de bodem direct na het plaggen is bekalkt, vertoonden in vergelijking met onbekalkte plaatsen veel geringere toename van ammonium en een hogere bodem-pH. Stikstof was op de bekalkte plaatsen hoofzakelijk in de vorm van nitraat aanwezig. Bekalken vormt dus een belangrijke aanvulling op het plaggen in relatief zure heischrale graslanden. Dat geldt zowel voor natte als droge heischrale graslanden.
figuur 5
Figuur 5. Ammoniumconcentratie in de bodem (0-10 cm) in al of niet geplagde vergraste natte heide.


Herintroductie toepassen?
Alleen toepasbaar in bijzondere, nader te bepalen gevallen, waarbij vooraf toestemming van het betrokken deskundigenteam is verkregen.Het knelpunt van de hervestiging van soorten in het herstelbeheer heeft verschillende oorzaken. Die zijn: 1) de korte levensduur van de zaadvoorraad in de bodem, 2) het geringe verspreidingsvermogen van de bedreigde plantensoorten, en 3) de geïsoleerde positie van de natuurterreinen in het Nederlandse landschap. In zulke situaties valt te overwegen over te gaan tot herintroductie van plantensoorten via uitzaaien op plekken waar is geplagd en de bodemchemie reeds voldoende hersteld is. Een andere optie is het uitleggen van hooi uit een soortenrijk ‘donorgebied'. Zowel in droge als in natte heischrale graslanden kan het opbrengen van maaisel of plagsel wellicht helpen de verspreidingsproblemen van soorten op te lossen.

Met bijdragen van:
Roland Bobbink & Maaike de Graaf, augustus 2007.

| Bedreigingen | Regulier beheer | Herstelbeheer | Inrichting |

 

Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein Zoeken in de
infobladen

(U gaat naar de
website van
Groen Kennisnet)
Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein
Homepage
Home | Colofon | Print pagina
Zoek binnen deze website