Pad: Natuurtypen / Voedselarme venen en vochtige heiden (N06) / Veenmosrietland en moerasheide (N06.01) / Veenmosrietland / Inrichting

Veenmosrietland

INRICHTING

Nieuw veenmosrietland
Goede kansen voor nieuwe veenmosrietlanden, nodig voor behoud op de lange termijn, zijn misschien aanwezig in de nieuwe of nog jonge natuurgebieden in zeekleigebieden zoals Oostvaardersplassen. Of de omstandigheden daar geschikt zijn, is nog onbekend. Kleinschaliger ontstaan veenmosrietlanden mogelijk ook elders in nieuwe natuurgebieden of in herstelde natte systemen. Dat kunnen laagvenen zijn maar ook bijv. beekdalen. In hoeverre zich de karakteristieke soorten daar zullen vestigen is onduidelijk. Zaadbanken zullen er niet aanwezig zijn. Gunstig is het als er bronpopulaties in de nabije omgeving liggen. Op locaties waar geen zaadbank is, valt te denken aan herintroductie; zie alinea Herintroductie van soorten op de pagina Moeras.

Rekening houden met recreatiedruk, grazers en overige fauna
Vee, grote grazers of wilde zwijnen die drinkplaatsen opzoeken, grote aantallen watervogels zoals eenden, ganzen en meeuwen en aanwezigheid van bepaalde vissen belemmeren de ontwikkeling van vegetaties van voedselarme oevers en/of hoogveenvorming en verlanding.
Bij de inrichting van nieuwe moerassen kan men de kans op vestiging van deze waardevolle vegetaties verhogen door rekening te houden met recreatiedruk en de genoemde fauna.
Verder is vermoedelijk de aanleg van luwe, flauwe oevers en variatie in watergrootte en omvang in het belang van de biodiversiteit. Hiermee is nog onvoldoende ervaring opgedaan.

Af en toe betreden is toelaatbaar
Veenmosrietlanden verdragen betreding slecht maar meestal is dat geen knelpunt. Het natte moeras nodigt niet bepaald uit voor een wandeling. Bovendien liggen veenmosrietlanden meestal zeer afgelegen midden in natuurreservaten en zijn ze niet vrij toegankelijk. Af en toe betreden tijdens beheer in uitvoering of onderzoek is toelaatbaar.

Waterrecreatie zoneren
Jonge verlandingen en veenmosrietlanden verdragen geen golfslag en geen intensieve vaarrecreatie. Door een goede zonering van de recreatie is schade te voorkomen.

Met bijdragen van:
Moniek Nooren, 20.07.2006

Literatuur:
Barendregt, A., B.Beltman, E.Schouwenberg, G. van Wirdum, 2004. Effectgerichte maatregelen tegen verdroging, verzuring en stikstofdepositie op trilvenen (Noord-Hollland, Utrecht en Noordwest- Overijsssel). Rapport EC-LNV nr. 2004/281-O, Ede.

Leerdam, A. van & J.G. Vermeer 1992. Natuur uit het moeras! Naar een duurzame ecologische ontwikkeling in laagveen moerassen. Rapport Rijksuniversiteit van Utrecht, Staatsbosbeheer Driebergen.

| Bedreigingen | Regulier beheer | Herstelbeheer | Inrichting |

 

Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein Zoeken in de
infobladen

(U gaat naar de
website van
Groen Kennisnet)
Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein
Homepage
Home | Colofon | Print pagina
Zoek binnen deze website