Pad: Natuurtypen / Moerassen (N05) / Moeras (N05.01) / Helofytenmoeras / Herstelbeheer en inrichting

Helofytenmoeras

Inhoud van deze pagina:

HERSTEL & INRICHTING
Natuurlijk peilbeheer
Nutriëntenbelasting verminderen
Ganzenvraat tegengaan
Gedeeltelijke heropening Haringvliet
Ruimte voor de Rivier

Natuurlijk peilbeheer
oranjeEen van de belangrijkste maatregelen die genomen kan worden om helofyten- en pioniermoerassen in Nederland te herstellen, is het invoeren van een natuurlijk peilbeheer. Nog steeds wordt er in Nederland, ook in natuurgebieden, een omgekeerd peilbeheer gevolgd. Een natuurlijk peilbeheer, waarbij de waterstand in de zomer laag is en in de winter hoog, zal ervoor zorgen dat er meer zuurstof in de bodem van helofytenmoerassen doordringt waardoor strooiselophoping wordt tegengegaan en minder giftige stoffen geproduceerd worden. Door lage waterstanden in de zomer zullen Riet en grote zegges weer kunnen ontkiemen. Door oxidatie van ijzer in de bodem wordt meer fosfaat aan de bodem vastgelegd, waardoor algenbloei in het water zal verminderen en de belasting van de helofytenzones met dood organisch materiaal (detritus) afneemt. Het ontstaan van nieuwe, jonge verlandingsstadia zal een positief effect hebben op de moerasvogelstand. Ook belangrijk voor vogels, i.v.m. voedsel zoeken, is het ontstaan van slikkige situaties door droogval. Door de hogere waterstanden in de winter zullen ganzen moeilijker bij de wortels van het riet kunnen. Hierdoor kan het riet zich beter verjongen. Tot slot zorgt een natuurlijk peilregime voor een langzamere successie van rietland naar rietruigte en moerasbos.
Er zijn ook mogelijke ongunstige effecten. Momenteel loopt er een onderzoek in De Wieden en De Weerribben naar het effect van een natuurlijker peilbeheer op de winteraanvoer van fosfaat in kragges en trilvenen. Hieruit moet duidelijk worden of een natuurlijker peilbeheer onder geëutrofieerde omstandigheden wellicht negatieve gevolgen kan hebben. Andere mogelijke negatieve gevolgen van natuurlijker peilbeheer kunnen zich voordoen bij droogval in de zomer: een versnelde veenafbraak, met o.a. ook effecten op bebouwing en infrastructuur (funderingen van woningen, vaardiepte en passeerbaarheid van bruggen).

Nutriëntenbelasting verminderen
groenAfname van de nutriëntenbelasting van oppervlaktewateren zal een positief effect hebben op helofytenvegetaties. De productie van helofytenmoerassen zelf zal hierdoor afnemen, waardoor minder strooisel zal ontstaan. Hierdoor zal enerzijds de productie van giftige stoffen onder zuurstofarme omstandigheden dalen en zal anderzijds de successie naar natte strooiselruigten langzamer verlopen. Ook de productie van detritus in het water zal kleiner zijn, waardoor de helofytenmoerassen ook hiermee minder belast zullen worden. Op voedselarme plekken waar de groei van pioniermoerassoorten en Riet ongewenst is, zal een lagere belasting met nutriënten zorgen voor het afnemen van deze soorten. Riet is echter wel een soort die lang stand houdt onder minder gunstige omstandigheden. Om Riet kwijt te raken zal er gemaaid of begraasd moeten worden, waarbij het helpt als de rietstoppels daarna onder water komen te staan.
Door jarenlange hoge nutriëntenbelasting hebben zich veel nutriënten in de bodem en het slib van wateren kunnen ophopen, op verschillende manieren gebonden. Dit kan voor een hoge nalevering van nutriënten zorgen, ook nadat de belasting sterk gereduceerd is. Het is dus zaak om uit te zoeken waar de nutriënten in het water vandaan komen en of er naast het reduceren van de externe belasting ook maatregelen genomen moeten worden om de interne belasting te verminderen.

Ganzenvraat tegengaan
oranjeGanzenvraat vormt een steeds groter probleem in veel Nederlandse natuurgebieden. Als vraat in een bepaald gebied de belangrijkste oorzaak is van het niet meer verjongen van het rietbestand en het niet mogelijk is om de ganzen te verjagen, moet er eigenlijk ingegrepen worden. Inmiddels is er enige ervaring opgedaan met het zetten van ‘exclosures’ in de oevers, waarbinnen het riet beschermd is tegen vraat totdat de vegetatie robuust genoeg is. Proeven in onder meer het Deltagebied en het Rijnstrangengebied lijken positief uit te pakken.

Gedeeltelijke heropening Haringvliet
groenVanwege de negatieve gevolgen die de afsluiting van het Haringvliet op de natuur in het zoet- en brakwatergetijdengebied heeft gehad, vinden er momenteel proeven plaats met het op een kier zetten van de sluizen tijdens laag tij. Het is echter (nog) niet mogelijk om de sluizen permanent open te zetten en alleen nog met spring- of stormvloed dicht te houden. Dat heeft te maken met het belang van het behoud van het zoete karakter van het water vanuit landbouw en drinkwaterwinning. Door de sluizen slechts op een kier te zetten, wordt het getij maar met circa 10 cm hersteld en zal de zoutgradiënt tot circa 18 km van de sluizen reiken. Van de openstelling van de sluizen wordt een positief effect verwacht op het ontstaan

Het effect van het op een kier zetten van de sluizen zal echter bij lange na niet herstellen wat er bij de afsluiting van het Haringvliet verloren is gegaan.

Ruimte voor de Rivier
oranjeIn het kader van Ruimte voor de Rivier zijn er de afgelopen twintig jaar steeds meer natuurontwikkelingsgebieden in de uiterwaarden aangelegd. Hiermee wordt tegelijkertijd landbouwgrond omgevormd tot natuur én extra waterberging bij hoge rivierwaterstanden mogelijk gemaakt. Bij deze projecten zijn veel meer mogelijkheden voor pioniermoerassen ontstaan, die dan ook de laatste twee decennia sterk zijn toegenomen langs de grote rivieren. Door het verlagen van de uiterwaarden en de aanleg van nevengeulen komt er potentieel ook meer ruimte voor helofytenmoeras. Door de jarenlange bemesting in de uiterwaarden en de vroegere en huidige sedimentatie van voedselrijk sediment zullen de nieuwe helofytenmoerassen echter geen heel hoge botanische waarde hebben. Helofytenmoeras is niet te verwachten op de meest dynamische plaatsen in de uiterwaarden, waar veel erosie optreedt.

O ’t ruischen van het ranke riet!
hoe dikwijls dikwijls zat ik niet
nabij den stillen waterboord,
alleen en van geen mensch gestoord,
en lonkte ‘t rimplend water na,
en sloeg uw zwakke stafjes ga,
en luisterde op het lieve lied,
dat gij mij zongt, o ruischend riet!

Guido Gezelle, Vlaamsche Dichtoefeningen 1858

| Bedreigingen | Regulier beheer | Herstelbeheer en inrichting |

 

Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein Zoeken in de
infobladen

(U gaat naar de
website van
Groen Kennisnet)
Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein
Homepage
Home | Colofon | Print pagina
Zoek binnen deze website