Pad: Natuurtypen / Stilstaande wateren (N04) / Zoete plas (N04.02) / Waterplantenrijk water / Herstelbeheer en inrichting

Waterplantenrijk water

Inhoud van deze pagina:

HERSTELBEHEER EN INRICHTING
Meestal meerdere maatregelen nodig
Defosfatering aanvoerwater
Het weren van gebiedsvreemd of vervuild water
Flexibeler peilbeheer
Kwelstromen herstellen
Baggeren
Vastleggen fosfaat
Belastbaarheid vergroten
Actief biologisch beheer en actief visstandbeheer (biomanipulatie)

Meestal meerdere maatregelen nodig
Veel waterbeheerders worstelen met het duurzaam herstellen van waterplantenrijke wateren. Vaak is de belasting met nutriënten vanuit het inlaatwater nog te hoog en de nalevering vanuit het sediment groot. Deze problemen maken een duurzaam herstel lastig.
Bij herstelbeheer dient eerst een goede analyse gemaakt te worden van het exacte probleem in een gebied. Meestal is het uitvoeren van één maatregel onvoldoende effectief en dient een pakket van verschillende maatregelen, soms in een bepaalde volgorde, ingezet te worden om zowel externe als interne eutrofiëring tegen te gaan. In grote lijnen is de te volgen strategie daarbij eerst bronmaatregelen, dan systeemmaatregelen (die het systeem robuuster maken) en tenslotte interne maatregelen. Hierna worden enkele voorbeelden van mogelijke maatregelen genoemd.

Defosfatering aanvoerwater
groen
Defosfatering door rioolwaterzuiveringsinstallaties heeft op grote schaal gezorgd voor een licht tot redelijk herstel van waterplantenrijke wateren. Ook in te laten oppervlaktewater kan soms worden gedefosfateerd. Het via het aanvoerwater inperken van de belasting met fosfaat tot een aanvaardbaar niveau is de eerste noodzakelijke stap in het herstel van waterplantenrijke wateren. 

Het weren van gebiedsvreemd of vervuild water
groen
Via gebiedsvreemd of door de landbouw vervuild water komen nutriënten en soms ook slib het gebied binnen. Gebiedsvreemd water heeft een andere samenstelling dan gebiedseigen water, met vaak hogere concentraties sulfaat en bicarbonaat (zie ‘Eutrofiëring’ onder Bedreigingen). In veel natuurgebieden, zoals laagveengebied De Wieden en Weerribben, wordt inmiddels zoveel mogelijk gebiedseigen water vastgehouden en zo min mogelijk gebiedsvreemd water aangevoerd. Bij het herstel van wateren waar het niet mogelijk is het landbouwwater uit omliggende polders op een goede kwaliteit te brengen, worden deze vervuilde landbouwwateren zoveel mogelijk afgekoppeld en omgeleid. Het is echter belangrijk om te realiseren dat de slechte waterkwaliteit ook intern veroorzaakt kan worden, door inspoeling van nutriënten en sulfaat vanuit omliggend land. Gebiedsvreemd water is niet per definitie slecht, het gaat om de kwaliteit van dit water. Dit pleit voor een goede gebiedsanalyse voordat hydrologische maatregelen genomen worden.

Flexibeler peilbeheer
oranje
Het weren van gebiedsvreemd water of vervuild landbouwwater kan meestal alleen als er peilfluctuaties in het gebied toegestaan worden. In veel gebieden wordt momenteel een jaarrond vast of omgekeerd peilbeheer gevolgd (hoog water in de zomer en laag water in de winter). Een natuurlijker peilbeheer betekent dan dat waterstanden in de winter hoger kunnen worden, en in de zomer lager zullen zijn dan nu het geval is. Een praktisch probleem bij hogere winterstanden is echter dat er voldoende bergingscapaciteit moet blijven. Daarnaast is nodig om na te gaan of een hogere waterstand in de winter leidt tot een hogere fosfaataanvoer en in hoeverre deze vòòr het groeiseizoen weer afgevoerd wordt. Dit wordt bijvoorbeeld in De Wieden en Weerribben onderzocht. Dit betekent dat er in de zomer ook meer droogval op zal treden, in elk geval in oevers en ondiepe moeraszones. In gebieden met een ijzerrijke bodem (zoals kleibodems) leidt droogval tot de vastlegging van fosfaat en meer kiemingsmogelijkheden voor waterplanten. In veenbodems kan daarnaast ook extra afbraak plaatsvinden. Het is zaak om eerst uit te testen hoe het systeem op periodieke droogval zal reageren alvorens droogval toe te laten.

Kwelstromen herstellen
oranje
Door verdroging vanwege wateronttrekking, versnelde afwatering en waterpeilregulatie is in veel gebieden de aanvoer van ijzerrijk kwelwater afgenomen. Aanvoer van ijzer zorgt voor een grotere binding van fosfaat, waardoor eutrofiëring tegengegaan wordt. Hoewel het natuurlijk altijd zaak is om primair de aanvoer van fosfor te verminderen, kan herstel van kwelstromen ook bijdragen aan het herstel van waterplantenrijke wateren. Een lager waterpeil in de zomer kan ook bijdragen aan het vergroten van de kwelstroom naar het water, doordat er minder tegendruk is.

Baggeren
oranje
Het baggeren van de sliblaag is vaak noodzakelijk om de nalevering van fosfaat vanuit de bodem en opwerveling van deeltjes te verminderen. Belangrijk is om van te voren vast te stellen hoe diep er gebaggerd moet worden. Er moet onderzocht worden hoe fosfaat op verschillende dieptes in het sediment gebonden zit en vanaf welke diepte de kans op het vrijkomen van fosfaat lager is. Verder dient bij baggeren, zoals altijd, ook de oorzaak van verhoogde baggerproductie aangepakt te worden.
Bagger bestaat uit ten dele afgebroken organische stof, soms in combinatie met heel fijn anorganisch sediment. Het organische slib in bagger is afkomstig van resten van algen, hogere planten en dieren in het water. Ook bestaat het uit deels afgebroken veen.

Als er gebaggerd wordt zonder de oorzaken van een versnelde baggerproductie aan te pakken, is de kans groot dat er zich binnen afzienbare tijd weer een laag bagger op de bodem vormt.

Vastleggen fosfaat
oranje
In plaats van baggeren kan men ook de nutriëntenrijke sliblaag ‘begraven’ onder een laag zand. Op korte termijn heeft dit goede resultaten opgeleverd, maar het is nog de vraag of dieper wortelende planten in staat zijn om nutriënten toch vanuit de begraven sliblaag op te nemen en weer terug te brengen in het watersysteem. Daarnaast bestaat het risico dat de baggerlaag weer onder het zand vandaan komt door windwerking en gasvorming in de bodem. Momenteel wordt veel onderzoek gedaan naar methodes om fosfaat definitief vast te leggen in onderwaterbodems door het uit te laten vlokken en te adsorberen aan speciale kleimineralen behandeld met lanthaan (Phoslock TM). Hoewel de resultaten veelbelovend lijken, is het nog niet duidelijk wat de gevolgen van het gebruik van dit middel op lange termijn zijn.
Al vele jaren wordt in veel Europese landen en de Verenigde Staten geëxperimenteerd met het toedienen van ijzer, aluminium en kalk om fosfaat vast te leggen. De resultaten hiervan verschillen van zeer succesvol tot weinig succesvol en kunnen in sommige gevallen kansrijk worden toegepast. De duurzaamheid hangt sterk af van de snelheid van consumptie door fosfaat, en bij ijzer ook door sulfide. Aluminium gaat kristalliseren, waardoor het aantal bindingsplaatsen sterk afneemt. Kalktoediening vormt een risico in wateren met organische bodems, doordat de afbraak ervan gestimuleerd kan worden. Het beluchten van onderwaterbodems om fosfaat aan het al aanwezige ijzer vast te leggen, lijkt vooral op korte termijn succesvol.

Belastbaarheid vergroten
oranje
De kritische belasting van wateren is de hoeveelheid nutriënten die een systeem jaarlijks maximaal kan ontvangen zonder dat er daardoor nadelige gevolgen ontstaan. Deze kritische belasting is afhankelijk van de karakteristieken van een watersysteem. Door systeemeigenschappen te veranderen kan de kritische belasting worden vergroot.

Bij het vergroten van de kritische belasting van het systeem door het veranderen van de (hydro)morfologie moet er echter afgewogen worden of deze ingrepen de veranderingen in het historische uiterlijk van het water wel rechtvaardigen. Deze maatregelen pakken niet het echte probleem aan, maar veranderen het ecosysteem zodanig dat het minder gevoelig is voor een hoge nutriëntenbelasting.

Actief biologisch beheer en actief visstandbeheer (biomanipulatie)
oranje
Bij actief biologisch beheer wordt vertroebeling van het water tegengegaan door het wegvangen van zoöplanktonetende en bodemomwoelende vissen (met name Brasem). Het idee hierachter is dat het systeem vervolgens de kans heeft om om te slaan van een troebel naar een helder systeem, doordat algen beter begraasd worden en resuspensie van bodemdeeltjes minder optreedt. Deze maatregel is voor veel meren tijdelijk effectief gebleken (6-10 jaar). Actief biologisch beheer is alleen zinvol wanneer de externe en interne belasting met voedingsstoffen eerst voldoende is aangepakt. Vaak was de interne en externe belasting van het water nog te hoog om het water duurzaam in een heldere, waterplantenrijke toestand te houden en keerde de visstand na enkele jaren weer naar zijn oorspronkelijke staat terug. Dit betekent dat het afvissen regelmatig herhaald moet worden om het water telkens terug te brengen in een heldere toestand. Een regelmatige, jaarlijks (minder massale) beheersvisserij biedt in open watersystemen met veel herkolonisatie mogelijk kansen op herstel.

| Bedreigingen | Regulier beheer | Herstelbeheer en inrichting |

 

Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein Zoeken in de
infobladen

(U gaat naar de
website van
Groen Kennisnet)
Groen Kennisnet, een netwerk van kennisportalen in het groene domein
Homepage
Home | Colofon | Print pagina
Zoek binnen deze website